Het vriendje van je dochter.

Het vriendje van je dochter.

Kinderen op de basisschool leren voor zichzelf op te komen en leren te onderhandelen. Iets wat ze in meer of mindere mate onder de knie krijgen en, natuurlijk, uit proberen. Binnen de schoolmuren en ook buiten de school. Thuis vaak met veel succes. Als je tenminste de verhalen mag geloven over problemen die ouders vaak hebben in de opvoeding. De televisies laat dagelijks programma’s zien van ouders die hopeloos en redeloos met de opvoeding van hun kind worstelen. Een idee..

Zelfstandig worden.
Kinderen leren op school argumenteren. Ze leren daardoor hun eigen ruzietjes en problemen te regelen zonder dat dit altijd tot vechten hoeft te komen. Ze leren argumenten gebruiken om iets gedaan te krijgen. In de les, maar ook buiten de school. Het grote voordeel van mondige en min of meer zelfstandige kinderen is dat ze weerbaarder zijn in hun natuurlijke omgeving. Niets mis mee vanuit onderwijskundig en opvoedkundig perspectief.


Uitproberen.
Het wordt een minder leuke situatie als de kinderen deze onderhandelingen ook gaan voeren tegenover mensen die daar niet op zitten te wachten. De opa en oma generatie is, bijvoorbeeld. De ouderen die maar niet kunnen wennen aan deze gang van zaken. Ze zien de jeugd al snel als brutaal en wel erg vrij in wat ze zeggen en doen. Een misverstand eigenlijk. Als grootouders zelf meer gewend waren voor zichzelf op te komen, was het gedrag van kleinkinderen veel minder een probleem. Of in elk geval niet hun probleem.

Het grote onderwerp waar over we steeds vaker praten en waar we professionele opvoeders moeten inschakelen, is de manier van doen van een deel van de kinderen van de leeftijd van eind basisschool zo tot een jaar of achttien.
En hoe ga je er als ouder mee om als je kind wel een erg groot willetje heeft en voor zichzelf denkt, doet en regelt. Zonder de consequenties te kunnen overzien.

Het vervelende is niet dat die kinderen eigenstandig reageren en zelfzuchtig denken, maar dat de ouders, letterlijk de kinderen zijn van de vrijheid/blijheid generatie. Een 15 jarige heeft ouders van ongeveer 40. En die oudergeneratie is zelf een kind van de generatie die vrijheid heeft bevochten en leefde met de woorden ‘moet kunnen’.
De generatie die opgevoed is met de vrijheid, zelf zaken uit te zoeken en door eigen fouten te leren. Een mooi en veel in de geschiedenis terug komend thema uit de periode van de Romantiek en door Roussseau verwoord. Een generatie die veel vrijheid had en genomen heeft. Opa´s en oma´s die net niet of net wel uit de hippie tijd komen. Ouders die groot geworden zijn door veel te mogen en zelf uit te zoeken.
En toen ze zelf kinderen kregen, ging er iets mis. Er was iets niet geleerd. Niet begrepen.



300x250 gif

Discussiëren en opvoeden.
Opvoeding is het doorgeven van iets. Van normen en waarden, zo je wilt. Van een manier waarop je in het leven wilt staan. Opvoeden betekent dus ook dat je moet hebben nagedacht over wat je wilt doorgeven en waarmee je je kind de wereld in wilt sturen.
In dit geval: iets doorgeven aan kinderen die al hun leven lang geleerd krijgen zelf na te denken en te argumenteren over wat ze willen.

Gevolg? Eindeloze discussies die de hele dag door kunnen gaan en uiteindelijk leiden tot frictie in gezinnen en problemen. Onnodige problemen. Want immers, bij elke opvoeding is hetzelfde patroon denkbaar. Ondanks de onderhandelingszucht van de jongelui en een kennelijk onvermogen van de dertigers en veertigers in de opvoeding, is er een duidelijke rolverdeling.

Adverteren bij Daisycon

Ouders voeden op in wat ze belangrijk vinden door te geven en kinderen worden opgevoed. Niet als volwaardige partners van hun ouders, maar als aanstaande volwassenen die nog iets te leren hebben.
Let wel, ouders en kinderen zijn gelijk in waarde, maar niet gelijk.
De verplichting kinderen op te voeden, betekent automatisch dat er gepraat moet worden en dat er soms niet gepraat hoeft te worden. Niet gepraat kan worden. Omdat niet alles altijd bespreekbaar is.
Ouders hebben door hun levenservaring, inzichten die kinderen nog niet hebben en kunnen hebben.

Dat betekent uiteindelijk dat er soms gewoon een beslissing genomen moet worden. Dat er ‘nee’gezegd moet worden. Niet met de klemtoon op het feit dat er ’nee’ staat, maar met de nadruk op het woord ‘moet’.
Het is de plicht van een opvoeder een kind te beschermen. Nadrukkelijk te kijken naar wat er zou kunnen gebeuren en daarop een afweging te maken. En dat kan leiden tot woorden als ‘nee’ en ‘moeten’. Soms zijn dingen zoals ze zijn, zonder onderhandelingen.


Vriendjes.
Ouders zijn niet het vriendje van hun dochter of zoon. Dat vriendje praat op gelijk niveau en met ongeveer dezelfde informatie. Een opvoeder wordt geacht meer te kunnen zien en overzien. Wel vriendelijk en als een vriend, maar niet het vriendje willen zijn, dus.
En als kinderen daardoor hun ouders af en toe wel kunnen schieten? Ach, hoort opstand niet bij groot worden, hoort weerstand niet bij geestelijke groei? Opvoeden is geen vrijblijvend verhaaltje waarin de lieve vrede bewaard moet worden of waarin ‘geen tijd’ een argument kan zijn.

Recht op opvoeding.
Kinderen hebben recht op een opvoeding waarin ouders leren argumenten af te wegen en met hun kind hierover te spreken. Je leert je kind afwegingen te maken en soms gewoon te luisteren. En gewoon te doen en niet eindeloos in discussie te gaan. Dat vragen we van de hele omgeving van ons kind, toch?
Van de school, van clubs en anderen.

Dus ook van je eigen kind kun je vragen eens te stoppen met haar of zijn gelijk te willen hebben. Zo zit de wereld in elkaar en daar hebben wij het ook de jeugd het mee te doen.
En we zitten niet aan de ronde tafelconferentie van de opvoeding waarin iedereen gelijk is. Opvoeden is geen poldermodel, zogezegd.

Opvoeden is een verantwoordelijkheid die uitstijgt boven het idee dat kinderen overal over mee mogen praten en beslissen. Juist daardoor zullen de jongelui later veel beter in staat zijn zich staande te houden in een wereld die steeds meer van hen vraagt en die steeds meer vraagt keuzes te kunnen maken.

Let wel, niets doen is ook iets doen. Kinderen die zichzelf min of meer opvoeden en thuis meer voeding dan opvoeding krijgen, worden een plaag voor de maatschappij.







Like This Post ?

RSS Digg Twitter StumbleUpon Delicious Technorati

There are no comments yet, add one below.

Wat vind jij? Laat een reactie achter!


Naam (required)

Mail (Wordt niet gepubliceerd) (required)

Website

Reactie